Personen-en-familierecht

Indien het huwelijk of de relatie niet langer levensvatbaar is en een echtscheiding of relatiebeëindiging wordt onafwendbaar, dan heeft dit ingrijpende persoonlijke maar ook juridische gevolgen, waarbij de hulp van een advocaat wenselijk en doorgaans noodzakelijk is.

De complexiteit van een echtscheiding of relatiebeëindiging is voor een belangrijk deel afhankelijk van de situatie. Zijn er geen minderjarige kinderen en is er geen sprake van omvangrijke eigendommen, bezittingen en/of schulden, dan is een echtscheiding een juridische formaliteit die schriftelijk kan worden afgehandeld waarbij de kosten beperkt kunnen blijven.

In geval van minderjarige kinderen is het in beginsel noodzakelijk dat een ouderschapsplan wordt opgesteld waarin de afspraken over de kinderen worden vastgelegd en dat door beide ouders wordt ondertekend. Hierin dient in ieder geval te worden geregeld bij wie de kinderen hun hoofdverblijf hebben, op welke wijze het voortgezet ouderschap wordt vormgegeven (zorgregeling) en de financiële bijdrage in de kosten van opvoeding en verzorging van de kinderen. Ook in geval van relatiebeëindiging is het raadzaam een ouderschapsplan op te stellen. Voor het instellen van een echtscheidingsverzoek is het zelfs een vereiste. Komen ouders hier niet uit dan dient te worden aangetoond dat dit wel afdoende is geprobeerd waarna aan de rechtbank verzocht kan worden hierover te beslissen.

Bij echtscheiding dient beoordeeld te worden of het wenselijk is dat wordt vastgelegd of en zo ja met hoeveel een bijdrage dient plaats te vinden in de kosten van levensonderhoud van de partner. Dit is vooral aan de orde bij een verschil in inkomen. Indien sprake is van minderjarige kinderen dan dient eerst de kinderalimentatie berekend te worden, die prioriteit heeft boven de partneralimentatie. Er kan afgesproken worden af te zien van partneralimentatie, echter mocht een van de partners aangewezen raken op een Bijstandsuitkering, dan is de gemeente verplicht dit zoveel mogelijk te verhalen op de draagkrachtige partner. Dit kan niet uitgesloten worden.

De verdeling van de gemeenschappelijke eigendommen, bezittingen en mogelijke schulden dient bij voorkeur te worden vastgelegd in een echtscheidingsconvenant zodat hierover duidelijkheid bestaat. Uitgangspunt is dat de verdeling bij helfte plaatsvindt. De verdeling van schulden in een convenant heeft alleen betrekking op de partners; schuldeisers zijn hieraan niet gebonden en kunnen doorgaans de volledige schuld verhalen op iedere partner, die dan op basis van de afspraken in het convenant dit mogelijk kan verhalen op de andere partner.

Van belang is dat in beginsel op basis van de Wet Verevening Ouderdomspensioen het gedurende het huwelijk opgebouwde pensioen tussen de partners verdeeld wordt. Hiervan kan in geval van overeenstemming worden afgeweken indien dit schriftelijk wordt vastgelegd.

Wij zijn u graag behulpzaam met een advies of staan u bij indien u besluit een echtscheidingsprocedure aanhangig te maken. Ook in geval van relatiebeëindiging met minderjarige kinderen en/of het maken van afspraken over de verdeling.

In geval er sprake is van overeenstemming op alle punten kunnen ook hier de kosten beperkt blijven door het echtscheidingsverzoek in te dienen op naam van degene met het laagste inkomen waarbij de ander zich aan de verzoeken refereert door een schriftelijke verklaring. Er is dan slechts eenmaal griffierecht verschuldigd. Indien degene met het laagste inkomen in aanmerking komt voor gefinancierde rechtshulp kan worden volstaan met de betaling van een eigen bijdrage.

Omgangsregeling

Sinds de wet op het voortgezet ouderschap na beëindiging van een huwelijk of een relatie, is geen sprake meer van een omgangsregeling maar van zorgafspraken/zorg- en contactregeling. De wet voortgezet ouderschap beoogt te benadrukken dat het ouderschap en de verantwoordelijkheid voor de kinderen voor beide ouders niet eindigt met de beëindiging van het huwelijk of de relatie. Beide ouders dienen zoveel mogelijk betrokken te blijven bij de opvoeding en verzorging van de kinderen is het uitgangspunt. De kinderen hebben recht op zoveel mogelijk contact met de vader en de moeder.

Dit dient bij een echtscheiding te worden vastgelegd in een ouderschapsplan, maar het verdient aanbeveling dit ook te doen bij het beëindigen van een relatie. In geval van gewijzigde omstandigheden kunnen de afspraken worden aangepast en kan dit ook worden voorgelegd aan de rechtbank die de wijziging kan vastleggen in een beschikking. In complexe gevallen waarin de opvatting van de ouders over wat in het belang is van de kinderen sterk verschilt, kan de rechtbank zich laten adviseren door de Raad voor de Kinderbescherming. Het laten vastleggen van de afspraken over de verdeling van de zorg- en opvoedtaken door de rechtbank kan alleen met behulp van een advocaat. Wij zijn u hierbij graag behulpzaam. Uiteraard kunnen wij u ook adviseren en trachten in overleg tot een acceptabele oplossing te komen.

Alimentatie

Bij de beëindiging van een huwelijk door echtscheiding en in geval van een relatiebeëindiging waaruit (thans nog minderjarige) kinderen zijn geboren, dient te worden beoordeeld in hoeverre beide ouders naar draagkracht moeten bijdragen in de kosten van opvoeding en verzorging van de minderjarige kinderen. Het berekenen van de draagkracht en de verdeling hiervan over beide ouders, is voor de meeste ouders een complexe zaak, waarbij doorgaans deskundige hulp wenselijk is. Bij echtscheiding dient ook te worden beoordeeld of er behoefte bestaat aan een bijdrage in de kosten van levensonderhoud door de meestverdienende echtgenoot in de vorm van partneralimentatie.

Partners kunnen ook afspreken dat er geen aanspraak wordt gemaakt op partneralimentatie. Mocht echter in geval van echtscheiding een van de partners aangewezen raken op een bijstandsuitkering dan kan deze uitkering door de gemeente naar draagkracht verhaald worden op de andere partner. Dit is niet uit te sluiten.

Indien de omstandigheden wijzigen, kan dit aanleiding geven tot het aanpassen van de eerder overeengekomen of vastgelegde alimentatie. Hierbij kan vooral gedacht worden aan verandering van het inkomen of de afbetaling van de huweljkse schulden waardoor de draagkracht wijzigt. Indien de alimentatieverplichting niet is vastgelegd door de rechtbank kunnen er problemen ontstaan bij de eventuele incassering van de alimentatie bij niet of niet tijdige betaling. Alsnog laten vastleggen in een beschikking is dan te overwegen. Wij voorzien u graag van een advies en kunnen u ook bijstaan bij het laten vastleggen of het wijzigen van een vastlegging door de rechtbank.

Ouderschap

Als kinderen worden geboren tijdens een huwelijk ontstaan er van rechtswege familierechtelijke betrekkingen en hebben beide ouders het gezamenlijk gezag. Dit gezamenlijk gezag blijft bestaan ook na beëindiging van het huwelijk door echtscheiding. Indien kinderen worden geboren buiten het huwelijk is het noodzakelijk voor het vestigen van familierechtelijke banden dat de vader het kind erkent.

Deze erkenning kan direct na de geboorte plaatsvinden maar ook later. De moeder dient met deze erkenning in te stemmen. Bij de erkenning kan op verzoek van beide ouders gekozen worden voor de geslachtsnaam van de vader, zo niet dan krijgt of houdt het kind de familienaam van de moeder. Beide ouders kunnen bij de griffie van de rechtbank verzoeken om het gezamenlijk gezag. In geval er geen overeenstemming bestaat tussen de ouders over het gezamenlijk gezag, kan dit middels een verzoek aan de rechtbank worden voorgelegd, waarbij het belang van het kind voorop staat.

Door het vestigen van familierechtelijke banden ontstaan onderhoudsverplichtingen ten aanzien van de kinderen, zowel tijdens als na het beëindigen van de relatie. Ook heeft dit erfrechtelijke gevolgen. Overigens is ook alleen de verwekker van een kind onderhoudsplichtig. Dit kan desnoods een gevolg zijn van een vaderschapsprocedure waarbij op verzoek van de moeder de rechtbank de mogelijke verwekker kan opdragen mee te werken aan een DNA-onderzoek.

Indien de vader het kind wil erkennen en de moeder werkt hier niet aan mee dan kan deze toestemming ook verzocht worden aan de rechtbank. In dat geval zal de rechtbank een bijzonder curator benoemen, doorgaans een advocaat die zich hiervoor beschikbaar heeft gesteld, die geacht wordt de belangen van het kind te behartigen en de rechtbank adviseert. Erkenning is noodzakelijk voordat de mogelijkheid ontstaat tot het verkrijgen van gezamenlijk gezag.

Gezamenlijk gezag kan ook op verzoek van een van de ouders door de rechtbank worden gewijzigd in eenhoofdig gezag als het belang van het kind dat noodzakelijk maakt. De rechtbank beoordeelt dan of het kind klem en verloren dreigt te raken als gevolg van gedragingen van (een van) de ouders. De rechtbank gaat hier terughoudend mee om, waarbij vooral gekeken wordt naar ontwikkeling en functioneren van het kind.

Alle verzoeken die met betrekking tot het ouderschap aan de rechtbank kunnen worden voorgelegd, dienen te worden ingediend door een advocaat, uitgezonderd het verzoek om gezamenlijk gezag op verzoek van beide ouders. Wij zijn u hierbij graag behulpzaam en kunnen u verder informeren en adviseren.

Naamswijziging

Het kan zijn dat de behoefte bestaat tot het wijzigen van de familienaam (geslachtsnaam) of de voornaam. Bij wijziging van de familienaam dient onderscheid gemaakt te worden tussen naamswijziging van minderjarigen en meerderjarigen. Indien de wijziging van de familienaam een gevolg is van de erkenning van het kind door de vader of een tot erkenning gerechtigde en gekozen wordt voor de familienaam van de vader of de erkenner, dient dit verzoek eenvoudig gezamenlijk te worden voorgelegd aan de ambtenaar van de burgerlijke stand. In andere gevallen is het wijzigen van de familienaam aan zeer strikte voorwaarden gebonden en dient te worden ingediend bij het Ministerie van Justitie. Hier zijn aanzienlijke kosten mee gemoeid. U bent niet verplicht gebruik te maken van de hulp van een advocaat. Een advocaat kan voor deze werkzaamheden niet worden toegevoegd, zodat alle werkzaamheden van de advocaat voor eigen rekening komen. Zie voor meer informatie de internetsite: www.justis.nl/producten/naamswijziging

Als het gaat om kleine fouten in de schrijfwijze van de voornaam kan de ambtenaar van de burgerlijke stand worden verzocht deze te corrigeren. Een verzoek tot voornaamswijziging dient te worden voorgelegd aan de rechtbank. Dit kan alleen met behulp van een advocaat. Wij informeren u graag verder over de mogelijkheden en staan u desgewenst bij in een verzoek aan de rechtbank. Hierbij is van belang dat alleen in zeer bijzondere omstandigheden een toevoeging kan worden verleend, zoals in geval van aantoonbaar aanzienlijk lijden als gevolg van het gebruik van de voornaam.

Ondertoezichtstelling

De Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) kan de rechtbank verzoeken uw minderjarig kind onder toezicht te stellen. De ondertoezichtstelling is de lichtste en meest voorkomende kinderbeschermingsmaatregel. De RvdK doet een dergelijk verzoek, wanneer zij van mening is dat uw minderjarig kind in zijn/haar ontwikkeling wordt bedreigd en vrijwillige hulpverlening onvoldoende kan helpen om te zorgen dat het beter gaat met uw kind in de thuissituatie.

Meestal heeft RvdK voor het verzoek tot ondertoezichtstelling een onderzoek gedaan, maar het kan ook zijn dat er (soms zonder uitgebreid onderzoek) met spoed een maatregel wordt gevraagd, een voorlopige ondertoezichtstelling.

Het kan ook zijn dat uw kind al onder toezicht staat van een gezinsvoogd en dat deze van mening is dat de ondertoezichtstelling moet worden verlengd.

In bovenstaande gevallen, een (voorlopige) ondertoezichtstelling en een verlenging van de ondertoezichtstelling kan ook een uithuisplaatsing aan de orde zijn. Het principe is dat een kind thuis blijft wonen en dat ouders zelf verantwoordelijk blijven voor de opvoeding. Maar in sommige gevallen is de RvdK of de gezinsvoogdij-instelling van mening dat een plaatsing in een pleeggezin of een woongroep beter zou zijn voor het kind.

Een advocaat kan checken of aan alle juridische vereisten van een (verlenging van de) ondertoezichtstelling en eventuele uithuisplaatsing is voldaan. En of er voldoende gronden zijn voor de maatregelen, zoals deze worden verzocht bij de rechtbank. Daarnaast kan de advocaat u bijstaan op de zitting en helpen met het formuleren en voeren van verweren.

Ontheffing/ontzetting

Zwaardere maatregelen dan de ondertoezichtstelling zijn de ontheffing of ontzetting. In deze situaties betreft het een maatregel waarbij het gezag bij de ouder(s) wordt weggehaald. Een ander wordt dan met de voogdij over het kind belast.

Wanneer ouders het niet eens zijn met de ontheffing kan deze slechts in specifieke juridische situaties worden uitgesproken. Dit wordt 'gedwongen' ontheffing genoemd.

Dit kan zijn, bijvoorbeeld na een langere tijd van ondertoezichtstelling en/of uithuisplaatsing, in geval van een zodanige stoornis van de geestesvermogens van de ouder, dat hij/zij niet in staat is zijn/haar wil te bepalen of wanneer een kind, zonder dat dit binnen een kinderbeschermingsmaatregel geregeld is, langer dan een jaar in een ander gezin is opgevoed en de voortzetting van die plaatsing noodzakelijk is omdat bij terugkeer naar de ouders, voor ernstig nadeel bij het kind moet worden gevreesd.

Uitgangspunt bij een ontheffing is dat ouders niet geschikt of machtig zijn om voor het betreffende kind de opvoeding en verzorging vorm te geven. Het perspectief van het kind ligt dan bij het pleeggezin of pleeghuis en er wordt geen terugkeer naar de ouder meer verwacht.

Verzoeken tot ontzetting van een ouder komen weinig voor. Dit betreft een maatregel waarbij ouders zich zo verwijtbaar hebben gedragen naar hun kind dat zij niet langer het gezag over dit kind mogen uitvoeren.

Een advocaat kan checken of aan de juridische vereisten van de ontheffing dan wel ontzetting is voldaan en met u checken of er nog andere mogelijkheden zijn die aan een zware maatregel als deze vooraf dienen te gaan. Daarnaast kan de advocaat u helpen bij het formuleren van uw verweren en u bijstaan op de zitting.

102188
102192

Stel uw vraag